Wat is hernieuwbare energie ?

Hernieuwbare energiebronnen zijn energiebronnen die zichzelf 

op natuurlijke wijze opnieuw aanvullen (of vernieuwen).

Ze bieden een alternatief voor fossiele brandstoffen en dragen bij

aan een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen.

Ze zorgen voor diversificatie van de energievoorziening en

een afnemende afhankelijkheid van wispelturige en

schommelende brandstofmarkten, met name die voor olie en gas.

De volgende technieken worden als hernieuwbaar beschouwd bij de

bepaling van het hernieuwbare aandeel ter bepaling van EPC NR

in overeenstemming met de Europese richtlijn (EU 2018/2001) :

    • zonne-energie: zonnestraling benut voor zonnewarmte (zonneboiler voor warm water) en voor elektriciteitsproductie (PV-panelen) of beide (warmtepomp- panelen of PVT-panelen);
    • windenergie: de kinetische energie van de wind die in windturbines in elektriciteit wordt omgezet; (Global Wind Day - jaarlijks op 15 juni)
    • waterkracht: de elektriciteit opgewekt in waterkrachtcentrales vanuit de potentiële en kinetische energie van water (de elektriciteit opgewekt in pompcentrales is niet inbegrepen);
    • Omgevingswarmte : warmtepompen die worden aangedreven door elektriciteit of andere aanvullende energie om (opgeslagen) energie uit de lucht, de grond (geothermie) of het water te onttrekken en om te zetten in energie die elders kan worden gebruikt (bijvoorbeeld om ruimtes te verwarmen met vloerverwarming, water in woongebouwen, ...). 
    • biomassa en afval : organisch, niet-fossiel materiaal van biologische oorsprong, dat kan worden gebruikt om warmte of elektriciteit op te wekken; omvat hout en houtafval, biogas, gemeentelijk vast afval en biobrandstoffen; met inbegrip van het hernieuwbare deel van industrieel afval (ketels, kachels of WKK's); de voorwaarde bij bepaling van het hernieuwbaar aandeel bij EPC NR is dat het enkel de op de eigen site gewonnen energie betreft en enkel het hernieuwbaar opgewekte deel van externe warmtelevering. Tenslotte recuperatie van restwarmte uit afvalverbrandingsinstallaties (die vallen onder 6.1.10 van het Energiebesluit) wordt voor 47,78 % als hernieuwbare warmte gezien.